# Een nieuwe natie werd geboren, vol diversiteit

> Canonieke pagina: https://www.janpronk.nl/interviews/dutch/een-nieuwe-natie-werd-geboren-vol-diversiteit.html

Interview met Jan Pronk over de totstandkoming van de onafhankelijkheid van Suriname in 1975, gepubliceerd in: Sahin Yildrim e.a. (red.), 50 Jaar onafhankelijkheid van Suriname 1975-2025, pp. 10-16, Den Haag: Atlas Cultureel Centrum.

## Over Jan Pronk

Jan Pronk is een Nederlandse oud-politicus van de PvdA, bekend om zijn inzet voor ontwikkelingssamenwerking en internationale rechtvaardigheid. Hij was een van de invloedrijkste ministers voor Ontwikkelingssamenwerking in de Nederlandse geschiedenis. Hij bekleedde dit ministerie in de kabinetten Den Uyl, Lubbers III en Kok I, en was minister van VROM in kabinet Kok II. Pronk speelde een cruciale rol bij de onafhankelijkheid van Suriname in 1975 en was betrokken bij de onderhandelingen en het ontwikkelingsverdrag.

Pronk groeide op in een onderwijzesfamilie in Scheveningen. Na het gymnasium in Den Haag studeerde hij economie aan de Nederlandse Economische Hogeschool in Rotterdam (tegenwoordig Erasmus Universiteit). Daar werkte hij zeven jaar onder leiding van Nobelprijswinnaar Jan Tinbergen als onderzoeksassistent en docent ontwikkelingseconomie. In 1971 werd hij gekozen tot lid van de Tweede Kamer, waar hij zich specialiseerde in ontwikkelingssamenwerking. In 1973 werd hij minister voor Ontwikkelingssamenwerking in het kabinet-Den Uyl.

## De slotfase van de onderhandelingen

De onderhandelingen tussen Nederland en Suriname hadden bijna twee jaar geduurd. Hoewel het Nederlandse parlement het verdrag op 28 oktober 1975 had goedgekeurd en de Surinaamse volksvertegenwoordiging dit op 19 november eveneens deed, waren niet alle onderwerpen volledig afgestemd.

De belangrijkste kwestie betrof de ontwikkelingshulp die Suriname na onafhankelijkheid zou ontvangen. Hoewel over de omvang overeenstemming bestond, verschilden Nederland en Suriname van mening over de procedures en voorwaarden. Dit werd vastgelegd in een aanvullend protocol dat nog niet afgerond was. De Surinaamse regering had daarom de goedkeuring van het verdrag opgeschort tot ook over het protocol overeenstemming zou zijn bereikt.

Pas op 24 november, één dag voor de overdracht, bereikten Pronk en zijn Surinaamse collega Michael Cambridge overeenstemming over het protocol. Diezelfde dag tekende Suriname het verdrag.

## De grenskwestie

Een onverwacht groter probleem dooemde op: de bepaling van de exacte grenzen van Suriname. Hoewel dit onderwerp tijdens de onderhandelingen was besproken en leek te zijn opgelost – de grenzen zouden blijven zoals in de koloniale tijd waren vastgesteld – bleek dit toch niet volledig duidelijk.

Drie Europese koloniale machten hadden ooit hun territoria aan de noordkust van Zuid-Amerika bepaald: Engeland, Frankrijk en Nederland. Suriname lag tussen Guyana (het vroegere Brits-Guyana) en Frans-Guyana. De grensrivier Corantijn in het westen en de Marowijne in het oosten kenden vertakkingen, waardoor nooit helemaal duidelijk was welke tak de grens precies vormde.

Hoewel de grenzen formeel vastlagen, was het betwist gebied nooit volledig rustig geweest. In 1969 was een gewapende overval vanuit Guyana geweest op het gebied Tigri. Suriname wilde daarom garanties van Nederland dat het land zou worden gesteund bij een eventueel grensconflict – een gevoelige kwestie, omdat Nederland in principe geen militaire garanties kon geven.

## De soevereiniteitsoverdracht

In de week voorafgaand aan 25 november 1975 werd intensief onderhandeld. Pas om zes uur 's ochtends op 25 november werd eindelijk definitieve overeenstemming bereikt over de grenskwestie. Om negen uur die ochtend vond de officiële soevereiniteitsoverdracht plaats in de aula van de Universiteit van Suriname, gevolgd door een groot feest in het stadion. De Nederlandse delegatie vertrok de volgende dag terug, uitgeput, maar voldaan.