# Jan Pronk. Terugblik in de Surinaamse geschiedenis

> Canonieke pagina: https://www.janpronk.nl/interviews/dutch/jan-pronk-terugblik-in-de-surinaamse-geschiedenis.html

## Context van het interview

Dit is een interview met Jan Pronk, afkomstig uit Dreamz World (december 2022/januari 2023, pp. 24-27), gevoerd door Dayant Ramkaluo. Pronk was op 82-jarige leeftijd minister voor ontwikkelingssamenwerking in het progressieve kabinet-Den Uyl en was rechtstreeks betrokken bij alle onderhandelingen rond de Surinaamse onafhankelijkheid.

## De onafhankelijkheid van Suriname

Op 25 november 1975 werd Suriname staatkundig onafhankelijk. Dit moment wordt herinnerd via de befaamde kaseko van Lieve Hugo: "25 november, Sranan kis' wan uma pikin, Fa a neng? Fa a neng? Srefidensi now!". Helaas overleed Hugo tien dagen voor de officiële soevereiniteitsoverdracht.

Tijdens de vlaggenoverdracht in het Suriname-stadion (tegenwoordig André Kamperveen Stadion) werden zowel het Opo Kondre Man ten gehore gebracht als spectaculaire vuurwerkshows verzorgd. Het moment was emotioneel geladen: het neerstrijken van de Nederlandse vlag symboliseerde het definitieve afscheid van de voormalige kolonisator. Nostalgische gevoelens werden verdrongen door triomf, opluchting en voldaanheid, terwijl hoopgevende vergezichten voor een nieuw era van politieke autonomie en economische verzelfstandiging de boventoon voerden.

## Surinames economische structuur en de bauxietindustrie

De bauxietsector werd de voornaamste sector van de Surinaamse economie. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de Amerikaanse oorlogsindustrie voor meer dan zestig procent afhankelijk van Surinaamse bauxiet – essentieel voor aluminium in gevechtsvliegtuigen. Vanaf de jaren vijftig breidde de sector uit, en vanaf 1965 kon jaarlijks ongeveer 2,5 miljoen ton bauxiet in Paranam worden verwerkt tot een miljoen ton aluminiumoxide.

## Resource curse in Suriname

Pronk bespraakt het probleem van de "resource curse" – het paradoxale verschijnsel dat landen met overvloedige natuurlijke hulpbronnen vaak lagere economische productiviteit vertonen dan landen zonder dergelijke rijkdommen. Suriname kampte hiermee:

- **Grondstoffenverslaving**: Te grote afhankelijkheid van bauxiet stimuleerde productie in andere sectoren niet.
- **Instabiele markt**: Sterk fluctuerende marktprijzen zorgden voor economische onzekerheid.
- **Beperkte werkgelegenheid**: De groei van de bauxietsector creëerde weinig Surinaamse banen.
- **Ontoereikende belastingopbrengsten**: Winsten van bedrijven als Suralco en Billiton werden niet aangewend voor diversificatie of infrastructuurverbeteringen.
- **Milieuschade**: Bodemverontreiniging, ontbossing en bedreiging van inheemse volkeren.

## Pronks standpunt op nationalisatie

Pronk stelde als minister dat Suriname, eenmaal staatkundig onafhankelijk, het recht zou hebben de bauxietsector te nationaliseren. Nederland kon hierbij assistentie bieden; ontwikkelingshulpmiddelen konden zelfs ingezet worden ter stimulering van een nationale bauxietindustrie. Eddy Bruma, toenmalig minister van economische zaken, hintte meermaals in deze richting, maar uiteindelijk nationaliseerde de regering-Arron de bauxietsector niet.

Frank Essed, voornaamste denker over Surinames economische toekomst, ontwikkelde alternatief een plan voor West-Suriname als groot nationaal ontwikkelingsprogramma.

## Pronks publicatie

Pronk documenteerde zijn inzichten in het boek *Suriname, Van Wingewest tot Natiestaat*, beschouwd als essentiële lectuur voor wie de moderne politieke geschiedenis en hedendaagse Surinaamse maatschappij wil begrijpen.